MOgroep ondersteunt plan kabinet harmonisatie wet- en regelgeving kinderopvang en peuterspeelzalen
Het kabinet wil de wet- en regelgeving op het gebied van kinderopvang, peuterspeelzaalwerk en VVE harmoniseren. De MOgroep ondersteunt deze plannen om voorzieningen voor kinderen van 0 tot 4 jaar gelijk te trekken.
DE MOgroep pleit daarbij voor ruime aandacht voor de pedagogische doelstellingen. Van belang is ruimte voor diversiteit, afgestemd op lokale behoefte; de keuzevrijheid voor ouders moet gewaarborgd zijn. Op die manier kunnen buurtgerichte voorzieningen ontwikkeld worden met nadrukkelijk aandacht voor het tegengaan van segregatie.
Het kabinet kiest er voor het onderscheid tussen kinderopvang, peuterspeelzalen en voorscholen op te heffen door de regelgeving en de financiering te harmoniseren. De MOgroep ziet hiervoor goede mogelijkheden, waarbij nauw aangesloten kan worden bij de systematiek van de huidige Wet kinderopvang.
VVE
Voorschoolse voorzieningen vervullen een belangrijke rol als het gaat om de uitvoering van specifieke programma’s om (taal)achterstanden te voorkomen of weg te werken. De VVE-programma’s (voor- en vroegschoolse educatie) worden nu al veelvuldig gebruikt in peuterspeelzalen en in toenemende mate in kinderdagverblijven. De MOgroep is er enthousiast over dat het kabinet de komende jaren wil investeren in de kwaliteit en het gebruik van deze programma’s. Nauwe samenwerking met de te vormen Centra voor Jeugd en Gezin is onmisbaar. De gemeenten hebben een regierol bij de totstandkoming van samenhangend jeugdbeleid en zijn daarmee een belangrijke partner.
Werkgroep Harmonisatie 0-4
De MOgroep heeft samen met BOinK, BKN, Verdiwel en het Landelijk Platform Peuterspeelzalen een bestuurlijke Werkgroep Harmonisatie 0-4 opgericht. Doel van deze Werkgroep is gezamenlijk op te trekken bij de verdere uitwerking en implementatie van de harmonisering van voorzieningen voor 0-4 jarigen. De Werkgroep ziet zich als dé gesprekspartner van staatssecretaris Sharon Dijksma op dit onderwerp. De werkgroep heeft staatssecretaris Dijksma een startnotitie aangeboden met haar visie en uitgangspunten.
Meer informatie
Toekomst VVE volgens het Landelijk Platform Peuterspeelzalen (LPP)
Voormalig minster van der Hoeven informeerde de Tweede Kamer op 31 maart 2006 over de stand van zaken van het VVE-beleid. Ze maakte ook haar voornemensvoor dit beleid voor de komende jaren kenbaar. Ze maakte hierin een onderscheid in beleid op korte termijn (2006 – 2010) en beleid op langere termijn (vanaf 2010).
Er zal gewerkt worden aan versterking van de huidige VVE - structuur. Belangrijk aandachtspunten hierbij zijn:
Er zal worden toegewerkt naar het realiseren van 70% doelgroepbereik. Er is 18 miljoen euro beschikbaar voor onder andere trainingen aan het huidig VVE-personeel. Er zal verder een VVE-module worden ontwikkeld voor SPWIII-opleidingen en de Pabo's. Deze VVE-module zal moeten leiden tot algemene kennis van VVE bij toekomstig VVE-personeel. Tevens zal hierdoor de uitwisselbaarheid van VVE-personeel worden gestimuleerd.
Gemeenten zullen vanaf 2006 worden ondersteund (afspraak met de VNG) op het terrein van het lokale VVE-beleid. Zo zullen er een expertgroep VVE worden ingericht, komt er een handreiking over VVE in de nieuwe bestuurlijke verhoudingen, wordt er een model ontwikkeld waarmee gemeenten de doelgroep beter kunnen bereiken. Relevante informatie zal via een website, nieuwsbrieven en conferenties worden verspreid.
Er zal in overleg met de inspectie worden bezien hoe het toezicht in de voor- en vroegschoolse periode kan worden vormgegeven. De Onderwijsinspectie zal in 2006 een aspectgericht onderzoek uitvoeren naar lees- en taalonderwijs in de groepen 1 tot en met 4. Als instellingen willen gaan werken met programma's waarvan niet (empirisch) is aangetoond dat het een kwalitatief goed programma is, zullen moeten aantonen waarom zij juist voor dat programma kiezen.
Voor het beleid op langere termijn zullen de bredeschoolontwikkeling, de motie Van Aartsen / Bos (kinderopvang in relatie tot de scholen), het initiatiefwetsvoorstel van Mariëtte Hamer ( ‘Basisvoorziening Kinderopvang en Ontwikkelingsstimulering’) en een aantal in het verleden uitgebrachte adviezen worden betrokken.
Bron: website LPP
Brief Toekomst VVE