Vanaf 1 juli ligt de verantwoordelijkheid voor de preventieve ouderengezondheidszorg bij gemeenten. Zij moeten dan zorg dragen voor het monitoren, signaleren en voorkomen van gezondheidsproblemen bij ouderen.
Gezondheidszorg voor ouderen is onder artikel 5a opgenomen in de Wet publieke gezondheid.
Faciliteren en verbinden van lokale initiatieven
‘De gemeenten dienen zich te baseren op de lokale behoefte van ouderen en een passend aanbod tot stand te brengen. Daarbij wordt rekening gehouden met voorzieningen die al beschikbaar zijn, zoals huisartsen, thuiszorg en welzijnsvoorzieningen. Dit betekent dat gemeenten zich vooral kunnen richten op het verbinden en faciliteren van lokale initiatieven’, aldus de minister van VWS in een brief aan de gemeenten.
Lokale nota gezondheidsbeleid
Gemeenten worden geacht ouderengezondheidszorg in 2011 een plek te geven in de nieuwe nota lokaal gezondheidsbeleid, of als deze recent is vastgesteld in een supplement bij deze nota.
Eind 2010 verschijnt de landelijke preventienota. Daarin worden door de minister van VWS de landelijke speerpunten benoemd, waarop gemeenten met hun lokaal beleid aansluiten. In deze nota komt ook de ouderengezondheidszorg aan de orde.
Geen extra geld
Er is geen extra geld voor de uitvoering van de preventieve ouderengezondheidszorg. De VNG verwacht niet dat gemeenten nieuwe structuren en voorzieningen gaan realiseren, maar gaan verbinden wat er is.
Afstemming tussen lokaal gezondheidsbeleid en Wmo
Gemeenten kunnen advies vragen bij hun GGD over een nadere invulling van het artikel en wat hun rol kan zijn bij de monitoring. Afstemming tussen lokaal gezondheidsbeleid en Wmo beleid ligt ook in deze voor de hand.
Meer informatie