De gemeentelijke tarieven zijn de afgelopen jaren gematigd gestegen, gemeenten zijn hier verantwoord mee omgegaan. De Raad voor de financiële verhoudingen (Rfv) vindt invoering van de macronorm bij het afschaffen van de limitering OZB dan ook niet nodig. Dat schrijft de Raad in zijn advies over de macronorm OZB.
De Raad voert drie argumenten aan:
Meer informatie
Gemeenten worden zelf verantwoordelijk voor de hoogte van de belastingtarieven. Ze moeten daarover verantwoording afleggen aan hun burgers. Daarbij past geen macronorm die bij voorbaat gemeentelijke belastingverhogingen beperkt.
Dat zegt de Raad van State in zijn advies over de macronorm OZB.
De Raad van State motiveert zijn opvatting met twee argumenten.
Meer informatie
De Raad is van mening dat artikel 220f, lid 4, van de Gemeentewet onbedoeld een mogelijkheid schept die niet was beoogd. De Raad beveelt daarom een technische aanpassing van de wettekst aan, zodat duidelijk is dat gemeenten bij de vaststelling van hun OZB-tarieven deze vooraf dienen aan te passen aan de waardeontwikkeling tussen de twee waardepeildata.
Overigens vraagt de Raad ook aandacht voor de praktische consequenties van het naast elkaar bestaan van de tarieflimiet en de opbrengstlimiet.
Minister Remkes heeft de Tweede Kamer een brief gestuurd waarin hij ingaat op de moties en het amendement die nauw samenhangen met de afschaffing van de OZB gebruikersheffing op woningen.
Het kabinet heeft de Tweede Kamer op 15 februari 2006 per brief geïnformeerd over de laatste stand van zaken van het kabinetsstandpunt op het rapport 'Lokale belastingen: meer, beheerst!' van de stuurgroep Verkenning decentraal belastinggebied.
In zijn brief gaat minister Remkes (BZK) in op de motie-Engels. Daarnaast gaat de minister in op de stand van zaken met betrekking tot de moties en het amendement die nauw samenhangen met de afschaffing van de OZB gebruikersheffing op woningen: de motie-Van Beek, de motie-De Pater-Van der Meer en het amendement De Pater-Van der Meer en op de relatie tussen de compensatie en de ex-artikel 12-gemeenten.
De minister van BZK heeft informatie verstrekt over de drempel- en maximumtarieven die volgend jaar bij de OZB gelden. Het kabinet verwacht geen lastenverschuivingen in gemeenten die onder, op of boven de drempeltarieven zitten. Zij zijn vrij om de tarieven voor de woningen en niet-woningen evenveel te verhogen (of verlagen). In een aantal gemeenten kan echter toch een lastenverschuiving optreden. Het kabinet laat provincies weten dat hier een grond voor tijdelijke ontheffing ligt.
In een aantal gemeenten (Nijmegen, Blaricum, Leiden en Leeuwarden) is het mogelijk dat toch een lastenverschuiving optreedt, omdat het tarief voor de eigenaren van woningen wel kan worden verhoogd en de tarieven voor niet-woningen niet, omdat de gemeenten daar al op het maximumtarief zitten.
Het kabinet vindt deze lastenverschuiving een minder gewenst effect van de maximeringsmaatregelen. Daarom zal het kabinet aan de provincies laten weten dat hier een grond voor ontheffing ligt. De ontheffing is dan gericht op de tarieven van de OZB niet-woningen gebruikers en eigenaren. Deze ontheffing geldt, conform het wetsvoorstel, dan voor één jaar. In de vaststelling van de maximumtarieven voor 2007 zal een correctie plaats vinden. Op deze manier probeert het kabinet dus een ongewenst effect van het wetsvoorstel te repareren met een instructie aan Gedeputeerde Staten.
De Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) en de Raad voor de financiële verhoudingen (Rfv) hebben in een gezamenlijk advies gepleit voor een verruiming van het eigen belastinggebied van gemeenten.
Aanleiding voor het advies was een vraag vanuit de Tweede Kamercommissie voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties om de opvattingen van de Raden te vernemen over 'lokale autonomie in relatie tot lokale belastingen'.
Positie van gemeenten in het gedrang
Het advies draagt als titel 'Autonoom of automaat' en gaat over de gemeentelijke autonomie en de gemeentelijke financiële zelfstandigheid. Volgens de Raden wordt met het OZB-wetsvoorstel 'een kritische ondergrens overschreden waardoor de positie van de gemeenten als volwaardige bestuurslaag in het gedrang komt'.
De maximering van de resterende tarieven 'heeft op termijn ingrijpende gevolgen voor de bestuurlijke en financiële autonomie van gemeenten'. De Raden pleiten voor nieuwe lokale belastingen met een volledige gemeentelijke tariefvrijheid